Storingen

Tips bij storingen

Heeft u een storing in uw systeem? De volgende acties bieden vaak een snelle oplossing:

  • De meeste storingen komen voort uit vervuiling van de stoffilters. Controleer daarom altijd eerst of het filter vervuild is. Dit filter reinigt u gemakkelijk zelf met bijvoorbeeld een stofzuiger.
  • Reset uw unit door deze gedurende 1 minuut spanningsvrij te houden (de unit reset zich dan automatisch).

 

Check voor andere bijzonderheden met het systeem de lijst hieronder:

Werkt niet onmiddellijk

  • Als het toestel is gestopt en onmiddellijk weer wordt opgestart, zal de compressor  3 minuten stoppen om de zekeringen niet te laten springen.
  • Als de stekker eruit wordt gehaald en er weer wordt ingezet, zal 3 minuten lang het beveiligingscircuit in werking treden om het toestel te beschermen.

 

Geluid

  • Tijdens de werking van het toestel en onmiddellijk na het stoppen, kunt u water horen lopen in de leidingen. Gedurdende 2 à 3 minuten na het opstarten kan dit geluid ook waarneembaar zijn (geluid van stromend koelmiddel).
  • Tijdens de werking kunt u kleine ‘krak’-geluidjes horen. Dit komt door de uitzetting en inkrimping van de frontplaat door de temperatuursveranderingen.
  • Tijdens de Heating-functie kan af en toe een sissend geluid te horen zijn. Dit komt van de automatische ontdooiing.

Geur

  • De binnenunit kan bepaalde geuren afgeven. Dit komt doordat de binnenunit geuren uit de ruimte kan opnemen (tabak, …).

Damp

  • Uit de binnenunit kan een beetje damp komen tijdens de Cooling- en Dry-functie. Dat komt doordat de plotselinge afkoeling van de lucht in de ruimte wat condensvorming en damp kan veroorzaken.
  • Ook tijdens de automatische ontdooicyclus kan het toestel stoppen en damp produceren.

Uitblaas is zwak of stopt

  • De ventilator draait op lage snelheid wanneer de Heating-functie wordt gestart om de inwendige onderdelen te laten opwarmen.
  • Als de kamertemperatuur stijgt tijdens de Heating-functie zal de buitenunit met zeer lage snelheid draaien. Als u de ruimte verder wilt verwarmen, stelt u de thermostaat hoger in.
  • Tijdens de automatische ontdooicyclus zal de buitenunit tijdelijk stoppen. Het OPERATION-controlelampje zal knipperen.
  • De ventilator draait met lage snelheid tijdens de functie Dry of wanneer het toestel de kamertemperatuur aan het bewaken is.
  • De ventilator draait met zeer lage snelheid in de SUPER QUIET-functie.
  • De ventilatoren werken op zeer lage snelheid in de monitor AUTO-functie.

Water lekt van de buitenunit

  • Tijdens de automatische ontdooicyclus kan er water van de buitenunit lekken.
Mochten de onderstaande tips niet tot de oplossing hebben geleid, dan kunt u hier het storingsformulier invullen